Het is altijd weer een uitdaging om, als je de vijftig gepasseerd bent, iets mee te geven aan de jongere generatie zonder dat je gaat klinken als een oude zeur die roept dat alles beter was toen het nog vroeger was. Online zijn er voorbeelden genoeg van oude mannen die liefst samen met andere oude mannen, zoals ik, herinneringen ophalen van muziek die zijn relevantie ondertussen wel een beetje verloren heeft. Rick Beato (1962), de ondertussen overbekende YouTuber, heeft er zeker een handje van om in alle toonaarden te roepen dat de muziek van nu nergens meer over gaat. Goedkoop in elkaar gedraaide rommel waar niemand op zit te wachten, aldus Beato. Is deze houding iets voor boomers die zijn blijven hangen in de nostalgie van vervlogen dagen of is er meer aan de hand? En wat heeft dit met een humble pen te maken?
Als eerste is het belangrijk om vast te stellen dat het muzieklandschap van nu niet zoveel meer te maken heeft met hoe het speelveld er ooit uitzag. Vroeger oefende bands en artiesten hard op hun instrument en probeerde ze een sound neer te zetten die nieuw was. Songwriters schreven nog op ‘echte’ instrumenten zoals een gitaar of piano. Daaruit kwamen echte akkoorden met een harmonie die zich ontwikkelde gedurende de song. Natuurlijk werd er destijds ook troep gemaakt maar wilde je boven het maaiveld uitkomen, dan had je een platenlabel nodig en die deden alleen mee als je dus geen troep maakte. Een perfect filter. Tot zover het zicht in de achteruitkijkspiegel. Die tijd is niet meer. Alles ligt open, filters ontbreken en veel songwriters & producers, -wat is eigenlijk nog het verschil?-, hebben geen idee hoe ze een instrument moeten bespelen.
Er kan dus meer. Elke creatieveling kan grasduinen in een eindeloos aanbod van sample libraries en met programma’s zoals SUNO kun je op basis van een gewenste ‘mood’ je software een harmonie en melodie laten verzinnen. Je mumbled wat onverstaanbaars en je gooit het online. Veel producers die volgens dergelijke formules werken hebben een ongekend hoge productie snelheid. De ene na de andere ‘song’ wordt uitgepoept. Alsof het broodjes van de bakker zijn.
Veel van de studenten die naar Volver Sound Academy komen hebben een dergelijke muzikale achtergrond en komen juist naar hier omdat ze ergens wel weten dat veel, en ik zeg zeker niet alle, muziek die op deze manier gemaakt wordt een bepaalde leegte heeft. Ze zoeken verdieping en iets van betekenis. Als we ervan uitgaan dat muziek gemaakt wordt om op welke manier dan ook iets te delen met een ander, lijkt deze muziek juist het tegenovergestelde te willen doen. Hoe kan ik iets maken dat mij nog verder verwijderd van iemand anders en dus ook, wellicht, van mijzelf? Deze muziek en de software waarmee het gemaakt wordt is misschien het antwoord op die vraag.
Zullen we dan de ambacht troef proberen? Muziek krijgt pas zijn betekenis als je merkt dat de maker iets heeft geoefend en geleerd. Iets dat ik, als luisteraar, bij voorkeur niet kan. Deze troef speel ik nog wel eens als ik door een museum van moderne kunst loop en ik kijk naar bijvoorbeeld een werk van Barnett Newman. Waar is de ambacht?
Barnett Newman; Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue III (1967-1968)
Of hier sprake is van ambacht weet ik niet. Veel mensen zullen zeggen: ‘dat kan ik ook’. Waarmee ze aangeven dat de ambacht dus ontbreekt. Nogmaals, of er ambacht voor nodig is om een dergelijk werk te maken weet ik niet en uiteindelijk is dit ook niet relevant. Barnett Newman heeft dit gemaakt op een bepaalt moment in de tijd, niet ik of jij, en dat is genoeg. Toch? Er was in de jaren tachtig ook doodsimpele 3 akkoorden Punk. Met de ambachtstroef komen we er dus niet en zeker is dat vroeger niet alles beter was. Hoogstens anders.
Wat kan ik dan nog wel als senior meegeven aan mijn studenten als ik niet wil vervallen in eindeloos geprevel over een tijd die niet meer is? Daar moest ik even over nadenken.
De blijde boodschap is eigenlijk best eenvoudig. Gedurende mijn hele loopbaan heb ik altijd hard gewerkt. Aan alles hard gewerkt. Aan inhoudelijke skills. Wat maakt mijn mixen beter? Hoe kan ik dit arrangement beter laten werken? Wat moet ik doen om de overgang tussen het couplet en refrein harmonisch beter te maken? En later toen Volver Sound Academy ontstond, kwam er de vraag; wat maakt mij een betere docent? Maar ook zakelijke vaardigheden: hoe houdt ik mijn hoofd boven water en waar liggen kansen waar ik iets mee wil?
Om hard te kunnen werken is passie nodig voor wat je doet. Of toch op zijn minst het idee dat je iets wilt bereiken met wat je doet. Misschien is dat wel wat wij vroeger deden, gewoon iets willen en daar hard voor werken. Compromisloos. Wij hadden helden, voorbeelden van vlees en bloed waar je tegenop keek. Je wilde ook zo zijn. Het wonder naar je toetrekken. En ondanks dat je wist dat je nog nergens was werkte je door. Misschien is dat wel wat ik de generatie van nu toewens; hard werken, verwondering en ‘a humble pen’ waarmee je jouw toekomst schrijft.
Tot zover weer, happy music.
Crip
* ‘A Humble Pen’ is een uitdrukking die Paul Simon gebruikt in zijn song Hurricane Eye van het album You’re the One’ (2000).
